Op 4 mei wordt, zoals elk jaar, stilgestaan bij de Dodenherdenking. Vooral in Zuilen is hier een programma omheen gebouwd (dit is wel op veel plekken in Nederland, dus bedoel je in Utrecht of heel Nederland). Door een stille tocht, de kranslegging en een herdenkingsconcert willen de Zuilenaren de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog herdenken en hun nagedachtenis eren. Onze verslaggeefster Marije Roorda maakte een sfeerverslag over het Herdenkingsconcert, gehouden in het ZIMIHC-Theater te Zuilen.

Na de stille tocht en de twee minuten stilte, gevolgd door fanfaremuziek, lijkt het of heel Zuilen het ZIMIHC-theater binnenstroomt. Eerst de volwassenen met de wat jongere kinderen, dan de mensen van de handhaving en de ouderen, wie uiteindelijk gevolgd worden door de fanfareband zelf. Ze dragen hun instrumenten in de hand en verdwijnen in de zaal. Er is een rij gevormd voor de koffie en thee. Vriendelijk oogende  medewerkers van Handhaving en de politie maken een praatje met de verschillende mensen, terwijl wethouder Kees Diepeveen door zijn telefoon bladert. Langzaam stroomt de rij voor de thee leeg en lopen mensen het theater in.

 

Moeders met kleine kinderen trekken ze de zaal net voor het optreden uit, het is al laat, ze moeten slapen. De fanfareband heeft zijn spullen beneden klaargezet en de mensen voelen dat het elk moment kan beginnen. Opeens valt er een stilte, het geroezemoes verstomt. De band begint te spelen terwijl een video van de film Schindlers List geluidloos op de achtergrond speelt. Een beetje dreigend en melancholisch klinken de tonen door de zaal, het lijkt wel een soundtrack voor de film. De lichten zijn gedimd, alle aandacht is voor de muzikanten terwijl de zaal in trance lijkt door de zwaaiende armen van de dirigent. Aan het einde van de video vallen alle instrumenten stil, het enige wat te horen is, is een hoge, zuivere fluittoon. Dan valt er een stilte, een paar seconden niets en dan: applaus.

 

Een man loopt het podium op, waarna de spotlights op hem gericht zijn. Hij staat achter een microfoon, maar zodra hij iets zegt valt het niet te horen in de zaal. Hij grapt: “ik ben veel te klein voor dit ding” en heet de zaal welkom. Nadat hij zich voorstelt als de directeur van het ZIMIHC-theater, vertelt hij anekdotes. Ze gaan over Zuilen, de Tweede Wereldoorlog en de stille tocht en kranslegging van een half uur geleden. Hij is snel uitgepraat en verlaat het podium zonder het volgende optreden aan te kondigen. Het publiek heeft geen geluid gemaakt.

 

De fanfare begint weer met spelen terwijl de ingang boven de zaal op een kiertje openspringt. Iemand sluipt zachtjes naar binnen. De muziek wordt begeleid door een presentatie die metersgroot op de muur wordt afgespeeld. Het is een presentatie die aansluit bij de anekdotes van de directeur: het vertelt ons over de geschiedenis van Zuilen. De fanfareband speelt gecompliceerde muziek en de muzikanten bewegen alsof ze dansen, elk instrument wordt tegelijkertijd aan hun lippen gebracht. De zaal geeft weer geen kik. Naast de opzwellende muziek is het dood en doodstil. Als ook de muzikanten ophouden met spelen valt er een diepe stilte. Wéér weet het publiek niet op tijd te klappen, maar na een stilte gebeurt het alsnog.

 

Een vrouw verschijnt op het podium. Haar naam, Claudia Brugman, staat groot afgebeeld in de PowerPointpresentatie achter haar. Ze leest ons een eerste gedicht voor, het heet Bestaan. “Ik besta bij het golven van het water, het geluid van de mus, de zon die mij kust.” vertelt ze. Na het korte gedicht gaat ze over op de volgende. Deze gaat over de Tweede Wereldoorlog, net als veel van de optredens deze avond. Het heet Bevrijding. Nu weet het publiek wel wanneer het hun beurt is om geluid te maken. Ze verlaat het podium even snel als ze er gekomen is.

 

De speakers spelen het nummer “Bring Him Home” af, terwijl er geruisloos een man verschijnt op het podium. Hij stelt zich niet voor maar brengt direct de microfoon naar zijn lippen en begint met zingen. De presentatie zegt dat hij Gevorg Aperánts heet, waarna het beeld verspringt op foto’s van vroeger, foto’s uit Zuilen. De hele zaal is donker en lijkt betoverd door de enige verlichte persoon in het hele theater. De man oogt normaal, maar zijn stem verbluft iedereen. Met een laatste hoge noot eindigt hij zijn nummer, waarna hij een daverend applaus ontvangt van het publiek én de fanfare. Hij verdwijnt even geruisloos als hij verscheen.

 

Het zware, emotionele optreden van Gevorg wordt opgevolgd door iets lichters: een jonge vrouw. Charlotte de Bruin leest oorlogsherinneringen voor van haar oma, Joke Spies. Ze struikelt af en toe over haar woorden terwijl ze vertelt over haar oma’s verhaal bij het vallen van de eerste bom. Aan het einde twijfelt het publiek weer over wanneer ze moeten klappen. De sfeer is een beetje zwaar, het is te merken dat de emotionele optredens met de bijbehorende foto’s en verhalen op de mensen drukt als een te warme deken.

 

Als na het optreden van Charlotte Emile Simonis een uitvoering brengt van Prelude in E Minor van Chopin, slaat de sfeer niet om maar wordt versterkt. De muzikant gaat zitten zonder een woord te spreken, zoals velen deze avond, en begint met spelen. Afbeeldingen van mensen in het Utrechtse Symfonie Orkest wisselen elkaar af op de maat van de muziek.

 

Tijdens het voorlezen van de Oorlogsherinneringen van Wilhelmus Bouwman, gebracht door zijn kleindochter Emmy, verlaten de laatste ouders met kinderen de zaal muisstil. Bedrukt door de sfeer en de heftige, emotionele dag, volgen we. Het was een prachtige voorstelling.