Het is dinsdagavond als de deuren van de stadsschouwburg van Utrecht openen voor het publiek dat komt kijken en luisteren naar de opera ‘Il Barbiere di Siviglia’ van Rossini. Deze opera gaat over ingewikkelde intriges, alles draait jeugd, ouderdom, liefde en begeerte. De regisseurs plaatsten het verhaal in een luxe kuuroord waar de verdeelde gasten zich verveeld proberen te vermaken. De cast bestaat uit jonge en energie mensen en het gaat hier om een moderne bewerking van de opera uit 1813.

Buiten

Het regent in vlagen als het publiek bij de schouwburg arriveert. Een vrachtwagen is bezig lastige manoeuvres te maken voor de schouwburg en mensen kijken wat sikkeneurig om zich heen terwijl ze erlangs willen om hun fiets te parkeren. Er lijkt een jong publiek van studenten richting de ingang te gaan, maar lopen na het parkeren van hun fiets richting het huis van Studentenvereniging Unitas. Bij de ingang van de schouwburg staan nog wat mensen te roken: een jongeman alleen met shag, een paar oudere vrouwen met sigaretten, een koppel met elektrische sigaretten en een drietal oudere mannen met een dikke sigaren. Divers publiek met diverse rookwaren.

In de ontvangsthal

Binnen staat een lange rij bij de kassa en bij de jassen ziet het ook zwart van de mensen, terwijl de opera over vijf minuten wel zijn aanvang al heeft. Het lijkt alsof iedereen iets later van huis wilde gaan in de hoop dat de bui dan voorbij zou zijn, maar uiteindelijk toch besloot de regen te trotseren voor de opera. Terwijl mensen hun haar uitschudden in de hoop de boel sneller te laten drogen gaat de bel. De zaaldeuren openen en het publiek gaat richting de ingang. “Ik had mijn kaartje toch in mijn tas gedaan? Of in mijn jas, dan is die aan de kapstok.” Vermoedelijke echtgenoot: “Nee schat, ik zie ze in je kontzak zitten.” Overal zoeken mensen hun kaartje, het is een groot moment van paniek bij het scannen voordat de mensen de zaal uiteindelijk in kunnen lopen.

En nu de zaal in

In de zaal krijg je een goed overzicht van het publiek. Het is duidelijk een wat nieuwere opvoering van een opera door een relatief modern gezelschap: waar opera normaal toch wat meer door ouderen worden bezocht, zitten er nu ook veel groepen jongeren en jongvolwassenen in de zaal. Groepen vrienden, families, alle soorten samenstellingen van mensen lijken in de zaal te zitten. Er wordt nog uitgebreid gezellig gekletst op alle rijen en er hangt een ontspannen sfeer. Mensen lachen, bespreken nog wat dingen uit het alledaagse leven en lijken zich voor te bereiden op een avondje amusement. Op een gegeven moment begint de zaal te applaudisseren richting de dichte gordijnen, maar wanneer het applaus afneemt gebeurt er eigenlijk niks. Mensen gniffelen wat en mensen fluisteren: “Zullen we het applaus gewoon nog een keer inzetten en dan wat beter ons best doen, misschien gaan de gordijnen dan wel open.”

De eerste anderhalf uur

De gordijnen gaan open en de eerste helft van de opera speelt zich af. De lichte sfeer die het publiek met zich meebracht de zaal in blijft bestaan. Op de juiste momenten neemt het publiek de tijd om even goed te lachen om wat er gebeurd en de zaal is voor de rest helemaal koest en kijkt en luistert aandachtig naar de opera.

Pauze

Na het slotnummer van de eerste helft klinkt een levendig en enthousiast applaus en snelt iedereen zich naar een drankje. “Pfff, ik vond het toch wel even inkomen hoor, de muziek mag ook nog wel wat meer power hebben”, bespreken twee oudere dames. Buiten, tussen de rokers, vertelt Peter (21): “Fantastisch. Dit was mijn eerste opera! Ik vind het heel bijzonder om mee te maken. Ik word soms een beetje moe van het feit dat alles eerst gespeeld wordt en vervolgens nog vier minuten bezongen, maar het is levendig gebracht en dat maakt het fijn om naar te kijken.” Er klinkt hard gelach en gepraat bij het pauzerende publiek, dat de opera niet zo zwaar op de hand is, zorgt ervoor dat de pauze des te gezelliger lijkt voor het publiek. Dan gaat de bel alweer en begeeft men zich weer richting de zaal voor de tweede helft.

De tweede helft: nog drie kwartier

De eerste scène is nog niet begonnen, of er ontstaat grote hilariteit. De prins uit de eerste helft heeft zich vermomd om dichter bij zijn ware liefde te komen. Het is vanzelfsprekend een verboden liefde, vandaar de vermomming. En niet zomaar een vermomming, hij is een enorm vrouwelijke muziekleraar geworden met, naast zang, een fysiek spel dat ervoor zorgt dat de zaal voortdurend in een deuk ligt. Er zijn nog wat complicaties in de liefde waar nog drie kwartier over gezongen wordt, maar uiteindelijk is er een eind-goed-al-goed-moment en hebben de twee geliefden elkaar gevonden.

En dan valt het doek

Het publiek staat na de laatste scène direct op voor een enthousiast applaus en dit gaat lang door, de energie van de opera is overgebracht op de mensen. Om elf uur, drie uur na aanvang, verlaten mensen lachend en kletsend de schouwburg en de avond zit erop.