Mieneke Knottenbelt heeft zich 42 jaar lang ingezet als vrijwilliger bij onder andere YWCA Nederland, Technika 10 en nog meer organisaties. Op woensdag 26 april ontving zij een koninklijke onderscheiding in het Gemeentehuis in Utrecht. Zij heeft zich voornamelijk beziggehouden met het ontwikkelen van vrouwelijk leiderschap en ondersteuning van verschillende commissies en besturen.

“Als ik moet vertellen wie ik ben en wat ik doe, wil ik als eerste zeggen dat ik uit een gezin kom van vier dochters en zelf heb ik ook dochters gekregen. Inmiddels zijn er ook kleinkinderen en voornamelijk jongens. Vanuit mijn opvoeding heb ik niet per se meegekregen dat ik vrijwilligerswerk moest gaan doen, maar zelf deden allebei mijn ouders wel aan vrijwilligerswerk. Lang geleden begon ik aan de opleiding fysiotherapie en heb ik tien jaar in dit vak gewerkt. Omdat ik niet helemaal blij was met hoe het daar ging en mijn derde dochter op komst was, stopte ik als fysiotherapeute. Ik volgde de Christelijke Technische School in de avond voor jongens. Pas drie jaar voor mij was het eerste meisje aangenomen op deze school.  Na de opleiding ging ik op zoek naar werk in Utrecht. Dit was niet gemakkelijk: ik wilde als moeder zijnde graag parttime gaan werken. Er was weinig werk te vinden. Ik ging waar ik kon klussen, kranen repareren etc. Toen kwam Young Women Christian Association (YWCA). Dit is een organisatie die zich wereldwijd inzet voor de ontwikkeling van vrouwen.

Ik ging mee naar een congres in Athene. Tijdens het congres werd verteld dat er maar 4% van de vrouwen in de techniek zitten. Een aantal aanwezigen op het congres wilden hier iets mee doen: een technische school voor meisjes starten. Ze vroegen aan mij of ik hier een invulling aan wilde geven. We begonnen met de subsidie van Kinderpostzegels. De overheid zag het idee van een Technische School voor meisjes nog niet zitten. Ieder jaar lukte het meer om subsidies bij elkaar te sprokkelen. Zo’n 10% van ons budget was regulier. Inmiddels ben ik gepensioneerd, maar nog steeds betrokken bij de YWCA. Ook ben ik nog betrokken bij de Woongroep in Utrecht en andere organisaties.

Ik zou graag mensen meegeven dat ze vrijwilligerswerk eens moeten uitproberen. Vrijwilligerswerk is heel persoonlijk. In iedere levensfase kan je andere dingen mooi vinden om te doen. Als je ervan leert geeft het je energie en blijft het leuk. Ik vind bijvoorbeeld werken in een hospice prachtig, maar niks voor mij. Maar om iets te proberen kan geen kwaad. Het meest bijzondere aan vrijwilligerswerk is het soms overdonderd worden door een moment dat je je pas achteraf realiseert omdat het op dat moment niet zo bijzonder leek. Een voorbeeld hiervan is dat toen de Technische School voor meisjes begon, de gemeente alleen maar één locatie wilde. Wij hielden voet bij stuk om ervoor te zorgen dat er drie locaties zouden komen. Dit vond de gemeente maar lastig en vreemd. Ik wist zeker dat het beter zou werken. Dat bleek uiteindelijk ook zo. Wat ik nog meer wil meegeven is: ga niet te veel op in je werk, maar vind een balans tussen werk en je privéleven. Dit is voor veel mensen moeilijk en dit zie ik als een talent als je het wel kunt.”

Een van de organisaties waar Mieneke zich ook voor inzet is LELAF, een particulier fonds dat geld beschikbaar stelt aan de International Council of Women om de positie van vrouwen wereldwijd te verbeteren. Verder was zij voorzitter bij de Commissie Duurzaamheid en zette zich in voor ecologisch en maatschappelijk verantwoord bouwen. Van 2009 tot 2012 heeft Mieneke zich ingezet voor Vereniging Woongroep Surplus Zeisterwerf. Deze vereniging realiseerde een woonproject voor jonge senioren. Zij was een van de belangrijkste initiatiefnemers van dit project.